Thuisbeademing (invasief en non-invasief)

Thuisbeademing wordt ingezet wanneer een kind niet zelfstandig voldoende kan ademhalen. Een beademingsmachine ondersteunt of neemt de ademhaling gedeeltelijk of volledig over. Hierdoor kan een kind veilig thuis blijven wonen terwijl de ademhaling continu wordt ondersteund.

Er zijn twee vormen van thuisbeademing:

Non-invasieve beademing

De beademing wordt toegediend via een masker of neuskapje.

Invasieve beademing

De beademing verloopt via een tracheacanule, een buisje dat via de hals in de luchtpijp wordt geplaatst.

Welke vorm van beademing wordt gebruikt, hangt af van de medische situatie en de ademhalingsproblemen van het kind.

Thuisbeademing vraagt om specialistische kinderthuiszorg en continue aandacht voor de ademhaling en het functioneren van de apparatuur.

Onze (kinder)verpleegkundigen houden toezicht op:

  • de ademhaling en ademhalingspatronen
  • eventuele slijmophoping
  • het comfort en welbevinden van het kind
  • de instellingen en werking van het beademingsapparaat

Daarnaast begeleiden wij ouders bij het omgaan met de beademing thuis en leggen we uit wanneer contact moet worden opgenomen met het behandelteam.

Deskundigheid en veiligheid

Alle (kinder)verpleegkundigen die betrokken zijn bij thuisbeademing zijn geschoold door het Centrum voor Thuisbeademing (CTB). Zij zijn bekwaam en bevoegd om deze specialistische zorg uit te voeren.

Wij werken volgens vaste protocollen en richtlijnen, zodat de zorg veilig, zorgvuldig en betrouwbaar wordt geleverd in de thuissituatie.

Doelen van thuisbeademing

Thuisbeademing is gericht op het ondersteunen van de ademhaling en het verbeteren van de kwaliteit van leven van het kind. De belangrijkste doelen zijn:

  • ondersteunen of overnemen van de ademhaling 
  • verbeteren van ventilatie en zuurstofopname 
  • voorkomen van ademhalingsproblemen of uitputting
  • verhogen van comfort en veiligheid in de thuissituatie
  • stabiliseren van de ademhaling overdag en tijdens de nacht